15-05-12

23

James zette zijn wagen in parkeer stand en stapte uit. Hij keek naar het huis dat hij nu ‘het zijne’ kon noemen, nam een bos sleutels uit zijn achterzak en zocht naar de juiste. Eenmaal hij deze gevonden had stak hij de sleutel in het slot en voelde zich trots. Hij had nu zijn droomhuis gevonden. En het was in Antwerpen! De stad waar hij van hield sinds hij hier op bezoek kwam met zijn oma. Samen kochten ze zomerjurken voor haar en kreeg hij een snoepje of een speelgoedje. In die gedachte verloren nam hij de sleutel en draaide. De deur ging open. Hier was hij thuis.

 

Na het uitpakken van de dozen zag het huis er al meer uit als ‘zijn’ huis. De posters van verscheidene films vulde de gang en de keukenkasten waren  dan weer gevuld met potten en pannen. Allemaal van Piet Huyzentruyt. Plots werd er aan de deur geklopt. Verbaasd liep hij naar de voordeur en deed deze open. Hij was in shock wat hij toen zag: Een bloedmooie vrouw met blond haar en groene ogen stond voor hem met een mandje lekkers. Ze had een t-shirt aan met het logo van Guns & Roses met daaronder een kapotte spijkerbroek. Ze liep op blote voeten. Natuurlijk, hij was al eerder verliefd geweest, vaker zelfs gedumpt. Maar zij was het soort vrouw waar je enkel van kon dromen.

 

“Hallo” zei ze

“Hallo” antwoordde hij.

“Ik dacht, ik kom je verwelkomen in onze wijk. Dus heb ik wat koekjes en een fles wijn voor je bij.”

“Oh! Da’s lekker! Dankjewel.”

En nam het mandje wat klunzig aan.

“Wil je anders even binnenkomen?” vroeg hij verlegen.

“Oh, sorry.”, antwoordde ze. “Mijn man verwacht me ieder moment thuis.

Opeens was zijn beeld van hun toekomst gebroken, in flieterkes vaneen Ze was getrouwd. ‘Natuurlijk was ze getrouwd!’ bedacht hij zich. ‘Wie zou met haar niet in het huwelijksbootje stappen?’

“Blij je ontmoet te hebben...”

“James. Ik heet James.”

“Brenda.” Zei ze. En ze liep weg.

Hij bleef haar met zijn ogen volgen en zag, gelukkig, dat ze het huis naast hem bewoonde.

Hij zuchtte en sloot de deur.

 

Het werd later op de avond en steeds meer mensen vulde het nieuwe huis. Onder een dronken toost van zijn vader huldigde hij ‘deze muren van consumptiemaatschappij die nu de vleugels zijn van een vrij man.’ Ofwel, de housewarming kon beginnen. Vele vrienden en familieleden, wat voor hem hetzelfde was, feliciteerde hem en maakte afspraken om vaker te komen.

De wijn vloog doorheen de glazen. Doorheen de magen zo de pot in. Zoals het een echt feestje behoord. De muziek stond op 10 en iedereen zong vals, maar enthousiast mee. Tot plots een geluid de muziek oversteeg. Het was een stem die brulde als een losgeslagen leeuw en een vrouw, gillend. James vroeg aan een van zijn vrienden om de muziek wat zachter te zetten. Toen de beat verdween luisterde iedereen naar de stemmen uit de muur. Niemand durfde adem te halen, laat staan kakken.

Het leek op een scène uit een slechte film. Enkel het feit dat ze niet achter een scherm zaten gaf hen de herinnering dat dit echt gebeurde. De man riep dat hij niet kon slapen van de muziek en dat zij daar iets aan moest doen. Telkens als Brenda iets zei hoorde we een klap, of een smak, gevolgd door een gil en gejank. James was bang. ‘Was dit de bloedmooie vrouw die vandaag aan mijn deur stond? Is dit dezelfde stem die lachte en mij een mand met koekjes gaf? Is dit haar, thuis?’

De vader van James zette de muziek terug harder en gebood iedereen te dansen. Iedereen moest maar vergeten wat er was gebeurd. Dat ging aardig want James zijn ex-vriendin begon een Moulin Rouge act te doen. Al gauw was de bh uit en genoten ze van een volle D-cup deluxe. De vader dan James nam zijn zoon bij de hand en zei zijn laatste nuchtere woorden van de hele avond: “Ga eens kijken wat daar gebeurd?” James sloop het huis uit, langs de achterdeur en probeerde te kijken of hij iets kon doen.

 

Hij stond voor het hek en keek op. Hij zag de lichten branden op de 1ste verdieping en bedacht zich dat daar de slaapkamer zou zijn. Zachtjes opende hij het hek en ging naar de voordeur. Noch voor hij 3 stappen had gezet ging het licht bij de voordeur aan en sprong James op de grond. In de hoop dat niemand hem zou zien. Zeker niet de man van Brenda. Toen hij opkeek zag  hij de godin op hem afstappen en lachen.

“Wat doe jij nu op de grond?”

“Ik...ik...euh...” ,stamelde hij, “ben gevallen! Heb een beetje een zwaar feestje bij mij thuis. Je kent het wel: Drank, muziek, gedans, schaamtelijke vader, meer drank”

“Ja, dat ken ik ja.”

Ze hielp James recht en stofte hem wat af. Hij vond het een zaligheid, om te worden aangeraakt door de vrouw waar hij al van kinds af aan over droomde. Over fantaseerde.

“Wat was al die heisa?” vroeg hij.

Haar gezicht veranderde. Het was strak en gespannen. Alsof een groot geheim net onthuld werd.

“Je hebt...”

“Ja, luid geroep en getier. En iets dat klonk als slagen...

“ Je hebt teveel gedronken!" onderbrak ze,Ga naar huis!”

Hij schrok. Dit was kennelijk iets waar ze zich voor schaamde of erger nog, voor moest behoedden.

“Waar komt dit nu vandaan?”

“We kennen elkaar niet! Ga naar huis!” gebood ze.

Dan ze liep weg, naar de voordeur. Ze deed deze open en draaide zich om naar hem:

“En zet die muziek zachter. Nicolas kan niet slapen!” riep ze. Dan verdween ze. De deur dicht en het licht uit.

Het beest heeft nu een naam.Nicolas.

 

De dag erna was het huis dat hij bezat, beschonken met restanten. Kapotte glazen & leeggezopen flessen vulde iedere kamer van het huis. Dat ging gepaard met hier en daar een koppel halfnaakt onder de spreekwoordelijke keukentafel. Het was een feestje dat ze zich niet meer konden herinneren. James begon dan maar met wat iemand altijd moet doen. Grote kuis houden.

 

Na een paar uur zag het er weer doenbaar uit en begon hij de zakken met vuil naar buiten te slepen. Een voor een hadden de zakken meer gewicht dat zijn armen korden dragen. Daarbij kwam ook nog een putlucht dat de buurt hun ochtend verpeste. Hij sleepte ze van de woonkamer, naar de stoep als cadeautje voor de vuilnisman.Na de 12 zakken te hebben geplaatst zag hij dat er ook post was.

‘Mijn eerste brief als huiseigenaar.’ Ging door zijn hoofd. Niets bijzonders zag hij tot zijn spijt, toen hij zijn brievenbus openmaakte: Een rekening, een brief van zijn collega om hem te feliciteren met het huis en een slip met een priorzegel erop. Hier keek hij toch ietwat vreemd naar en gooide het bij de rest van het vuil. Hij kon er toch niets mee. Toen hij terug naar binnen wou zag hij Brenda naar buiten gaan en een zak vuilnis dragen.

“Laat mij maar.” Zei James. En sprong over de heg en nam de zak uit haar hand.

“Leuk feestje gehad?” vroeg ze.

“Oh, viel wel mee. Het was, hoe zeg je dat, buitengewoon entertainend.” Was zijn repliek.

“Dus dat daar was van iemand die je hebt geëntertaind?” en ze wees op de slip die bij het vuilnis lag.

Hij zette de vuilzak neer, op de stoeprand.

“Haha, nee.  Ik was me meer zorgen aan het maken over jou.”

Dit had ze niet verwacht. Ze verstarde in haar blik. De paniek van gisterennacht kwam terug.

“Je moet je geen zorgen maken om me. Nicolas zorgt goed voor me.”

Daar was die naam weer. ‘Nicolas.’ Hij zou er alles aan willen doen om hem buiten spel te zetten om zijn droom te beleven.

“Hij slaat jou. Of niet?”

Ze kon niet reageren. Ze bewoog niet, ze sprak niet.

 

Stilte.

 

Dan een blik. Een blik waarin ze een stijd voerde om wat er is verteld en wat ze voelt.

“Het is ok, tegen mij kun je alles zeggen.” Zei James, en nam haar schouder rustig vast.

Ze schudde haar hoofd en hield haar kin omhoog. Ze kon haar ware verhaal niet vertellen aan hem. Nog niet. Ze bibberde van kop tot teen. Ze schaamde zich. James zag wat er met haar aan het gebeuren was. Hij sloeg zijn arm om haar heen en samen liepen ze van de stoep, naar zijn huis. Nog voor hij op de drempel was gearriveerd zwaaide de deur open en liep er een man achter hen aan. Hij nam Brenda bij haar bovenarm en trok haar naar achteren, los van de armgreep van James. Brenda keek op.

“Nicolas!”

James draaide zich om. Daar stond hij dan, de dromenvanger: Nicolas. Een brede man van in de 40 met kort zwart haar. Zijn gezicht was klein en gefocust. Zijn handen groot en om Brenda. Hij was gekleed in een wit hemd en een bermuda. ‘Dus dit is dé Nicolas.’ Dacht James.

“Brenda wat doe jij met die clown?” zei hij met een diepe stem.

“N...N...Nicolas...dit is onze nieuwe b...b...buurman....James.” Stamelde ze.

James stak zijn hand uit naar hem.

“Hallo. Ik ben de voorgenoemde James.” Zei hij met een brede lach.

“Luister.”, Zei Nicolas, “Ik weet niet wie of wat je moet voorstellen, pipo. Maar ik raad je aan om uit Brenda’s buurt te blijven. Zij is van mij! Je kunt je maar beter bezighouden met je boeken, smurf.”

Hij draaide zich om en sleurde Brenda met zich mee, terug het huis in. Voordat de deur dichtsloeg zag James haar blik die hem voor de rest van de dag bezighield.

Zo wil je niemand zien.

 

Weken gingen voorbij en iedere keer als James uit het raam keek of de post ging halen. Als hij terug kwam van zijn job als advocaat en als hij vertrok naar de supermarkt keek hij, naar boven. Hij keek naar de deur, of dat Brenda er niet uitkwam. Hij keek naar het raam, om ze te zien lopen in haar woning. Hij keek naar alles in de hoop om nog een keer haar gezicht te zien. Ze bleef weg. Ze was verdwenen. ‘Toch, er  moet er een manier zijn om haar terug te zien’ bedacht hij. Dus deed hij wat iedere rationele man doet: hij brak in.

Nu was James een man die nooit iets in zijn leven zou doen zonder en goed over na te denken. Hij woog iedere klant af of dat het goed was voor de firma en voor zijn carrière. Hij zou nadenken over het feit om wel of niet de groene of de blauwe sokken aan te doen. Zelfs over zijn weg naar het wc was doordacht. Niets werd aan het lot overgelaten. Maar de gedachte om zo maar in te breken in Brenda’s huis was uitgestippeld zonder dat hij er nog maar een seconde over nadacht.

Hij ging naar zijn tuin en sprong over de heg. Vlug kroop hij achter een struik en checkte of niemand hem had gezien. Als een gazelle trippelde hij naar de achterdeur. Zo stond met zijn rug tegen de muur, naast de deur met het glazen raampje. Langzaam greep James de ijzeren klink en duwde die zacht naar beneden. Een sprongetje in zijn hart.

‘Niet slim Nico.’

 Vlug keek hij door het raam of hij iemand zag en in een seconde stond hij aan de andere kant van de deur, in de keuken. Zijn hart bonsde. Dit had hij nog nooit gedaan, noch wou hij het doen. Zelfs als kind, toen de buurjongetjes over het hek naar Boer Jansma’s veld gingen deed hij niet mee. Of ‘stond op de uitkijk’ zoals James het altijd vertelde. Maar dit keer moest hij. Hij moest haar zien. De gedachte dat die maniak zijn droomvrouw slaat, brak alle logica bij hem.

 Hij liep de keuken uit. Zijn schoenen maakte een dof geluid tegen de eikenvloer. Hij bleef even staan om het geluid te stoppen. Bevroren zoals hij daar stond hoorde hij water. Een douche! Vlug bedacht hij zich dat het geluid van boven kwam en ging de trap op. Omdat zij onder de douche zou staan kon hij iets sneller bewegen, zij zou het toch niet horen. Eenmaal boven aan de trap ging hij op het geluid af van het lopende water. ‘Hier moet het zijn.’

Hij greep weer stil naar de deurknop toen plots een gedachte door zijn hoofd begon te razen.

‘Wat als het Nicolas is die een douche neemt?’

‘Wat als Nicolas straks thuis komt?’

‘Zo meteen belt ze de politie en vlieg ik de gevangenis in!’

‘En nu?’

Maar het was te laat. Hij was nu al zo ver gekomen dat er geen weg terug was. James haalde even adem,draaide aan de deurknop en opende de deur. ‘gelukkig. Ze hoorde me niet.’ En een grote druk viel van zijn schouders. Hij keek rond in de badkamer en zag een bh en string. Brenda stond gelukkig onder de douche. Nu was hij nog maar 1 stap verwijderd van haar. Ze draaide zich om en schrok zich een ongeluk. Ze gilde het uit en toen James liep de badkamer uit en sloot de deur.

Hij bedacht zich dat hij geen rekening ermee had gehouden hoe zij zou reageren.

“Stom rund dat ik ook ben!” zei hij tegen zichzelf. “Ze denkt nu zeker dat ik één of andere psychiatrische patiënt ben. Of een sexverslaafde. Of, nog erger, familie van Bart De Pauw! Toen werd de deur, waarop hij leunde met zijn rug, geopend en viel hij achteruit. Zijn hoofd kletste tegen de marmeren vloer. Brenda gilde, nogmaals, en James gilde van de pijn. Toen werd alles zwart voor zijn ogen.

“James?”

 

Toen hij terug bij bewustzijn was lag hij op een grote, rode sofa met een handdoek onder zijn hoofd. Even was hij gedesoriënteerd maar hij herinnerde zich snel weer wat er was gebeurd. Brenda kwam vanachter het kookeiland en had een vochtige handdoek in haar hand. Ze legde deze onder James’ hoofd en gooide de andere in de wasbak.

“Wat deed je in mijn badkamer?” vroeg ze.

“Ik wou zien of alles met je goed ging. Ik zie je al weken niet meer.”

Hij keek naar haar lichaam. Ze had een handdoek om haar heen geslagen en hij zag nu dat ze ook mooi was qua armen en benen. Ze had kleine voeten en rode nagellak op haar tenen en vingers. Kleine schouders een lachje op haar gezicht.

“Ik ben ok hoor.”, antwoordde ze,” Nicolas...”

“Nicolas is een klootzak die jou niet verdient!” zei hij kortaf.

Nu werd ze kwaad. Ze liep naar de keuken en zette de kraan open.

“Nicolas is een echte heer!” riep ze voor haar uit, “ Hij zorgt voor geld, hij zorgt dat er water, elektriciteit en Internet is. Hij zorgt dat ik me geen zorgen hoef te maken. En wie ben jij om mijn man zo te beledigen?! Ik hou van hem en dat is genoeg!” stamelde ze uit. Ze begon heftiger en bruter met de borden die ze vast had om te gaan. Het zou een wonder zijn mochten er geen sneuvelen.

“Hij slaat jou en sluit je op in je eigen huis. Dat kan toch niet gezond zijn?!?”

“Ik werk van hier. Ik ben grafisch ontwerper en ik heb geen bureau nodig. En ik wil ook niet naar buiten want daar heb ik niets te zoeken. Ik ben blij! Ik ben gelukkig! Ik heb het perfecte leven!!” en daar ging het wijnglas. Het flikkerde zo de grond in. De scherven vlogen in het rond en Brenda slaakte een zucht. Dan een gil, net dezelfde als op het feestje.

James sprong recht en nam haar op. Hij draagde haar naar de zetel en maakte zijn handen schoon.

“Waar ligt er ergens een pincet?” vroeg hij. Hij had een zenuwachtige trilling in zijn stem gekregen. Hij was licht in het hoofd en zwak van vlees.

“2de schuif links, onder de kookplaat.” Zei ze zacht.

Hij opende de schuif en nam het pincet. Vlug spurtte hij naar haar toe en zette zich naast haar op de zetel. Voorzichtig nam James haar benen en legde deze over de zijne en nam haar voet. Met het pincet haalde hij de verschillend stukken glas eruit en legde deze op de tafel, voor hen. Nu was het stil in het huis, buiten dat Brenda af en toe door haar tanden inademde van de pijn en het woord “Auw” herhaaldelijk gebruikte.

‘Geen gevloek?’ dacht hij. Maar misschien zal dat aan hem gelegen hebben. Moest dit hem zijn overkomen, zou hij God en zijn nageslacht vervloeken.

Pas toen hij aan de 2de voet begon zag hij dat haar handpalmen onder blaren zaten en dat haar benen met schrammen bedekt waren. Hij walgde van iedere schram. Nu zag hij Nicolas voor zich die irrationeel zijn woede liet uitbarsten op Brenda, zijn vrouw met een kartelmes. Hij kon het beeld niet uit zijn hoofd krijgen.

“Wat is er?” Vroeg ze.

“Die schrammen. Zijn die van Nicolas?”

Ze werd stil.

“Nee, ik ben van de trap gevallen gisteren.” Was haar antwoord.

“Daar krijg je blauwe plekken van, maar geen schrammen. Komaan! Wees eerlijk met me.Mishandeld hij jou?”

“Nee.”

“Slaat hij jou?”

“....”

“Snijdt hij jou?”

“...”

“Brenda, Mishandeld Nicolas je?”

Geen geluid kwam van haar lippen. Ze stond rechtop en draaide zich om. Ze stond met haar rug naar James en liet haar handdoek zakken tot haar billen. Wat hij toen zag zal hij nooit vergeten. Haar gehele rug stond vol met rode schrammen. Rond de schouders waren er blauwe plekken met een grote van een open roos en in het onderste van de rug waren brandwonden van het uitdoven van een sigaret. Langs haar wervelkolom zaten diepe snijwonden van nog geen dag oud.  Ergens was ze trots op zichzelf. Nu liet ze zichzelf, en Nicolas, voor het eerst aan de buitenwereld zien. Ze wist zelf wel dat het een monster was maar wat kon ze doen? Het was haar man en zij was zijn vrouw, in gezondheid en in ziekte. Hij was zo veranderd sinds hij Tom had ontmoet. Toen begon ze zachtjes te huilden. Nu was ze blootgegeven. Nu was ze eerlijk met zichzelf. Nu was ze compleet gebroken.

James stond op en raapte de handdoek op.

“Trek aan.” Zei hij zacht.

Ze nam de handdoek en wikkelde die om haar middel,draaide zich om en liet zich tegen zijn borstkas vallen. Ze bleef maar door huilen, alsof 12jaar aan opgekropte emoties er nu uit vlogen. James streelde haar zachtjes langs haar haren. ‘Ze is zo zacht’ dacht hij.

“Brenda.” Zei James. Ze keek op.

“Als je man weg is, kom dan naar mijn huis. Dan kunnen we rustig praten over alles waar je met hem niet over mag spreken. Ik kan je helpen. Ik wil je heel graag helpen. Laat me...”

Ze kreeg weer een beetje hoop in haar ogen. Maar deze werd als snel afgekapt door haar volgende gedachte.

“En Nicolas dan?” vroeg ze bang.

“We houden het stil. Niemand hoeft het te weten.”

“Wat als hij erachter komt?”

“Dan zal ik ervoor zorgen dat hij je niets meer kan doen.” Was zijn antwoord.

Ze keek weg, uit zijn ogen. ze twijfelde over wat ze kon doen en wat niet. Angst beheerde nu haar hoofd. Maar haar lichaam was in handen van James.

Ze keek naar het glas op de grond, daarna terug naar James en ze voelde zich veilig genoeg bij hem om “Ja” te zeggen.

Hij glimlachte naar haar en nam haar iets steviger vast. Hij lette wel op dat ze geen pijn zou voelen door de wonden.

In zijn hoofd ging het net anders. ‘Nicolas-James 0-1. Brenda zal weer gelukkig zijn, bij mij.’

 

Het verloop van de maanden daarop was er een van een repetitief rustig gedrag. Eenmaal Nicolas het huis verliet om 8u werd er om 8:15 aangebeld bij James. Samen praatte ze over Nicolas, de verhuis van James en alles wat ze maar konden bedenken. In het begin ging het stroef, door de angst van Brenda. Maar door het rustige en liefhebbende gedrag van James bloeide ze open, als de roos die ze ooit was. Verbogen onder de zweepslagen en getimmer van haar tuinier. Samen keken ze films en lazen ze boeken. Zelfs op een dag gingen ze samen naar het park en aten onder de grote boom. Toen James de kinderen zag spelen bij de schommels stelde hij zich voor hoe het leven zou zijn mocht ze echt van hem zijn. Mocht ze van hem houden.  Dat ze samen konden wonen, eten, leven... Helaas bleef dit slechts een droom want om 16:45 stipt kroop ze terug naar huis om het eten voor te bereiden voor haar man die later thuis zou komen. De weekenden waren ook al van hem en zo bleef James vaker dan hij wou alleen in zijn woonkamer terwijl de credits speelden van Australia, de film waar ze beiden van moest huilen.

 Natuurlijk ging James wel uit en ontmoette hij vrouw na vrouw, doch kon hij aan niemand anders denken dan aan Brenda. En Nicolas, die haar gevangen hield in zijn kerker, met airconditioning.

Hij wou er iets aan doen. Maar Brenda vroeg telkens om zich in te houden.

“Als je tegen hem ingaat, wordt het enkel erger.”

Omdat zij het vroeg beet hij op zijn tanden. Maar makkelijk was het niet.Verscheidene avonden werd hij wakker van het gegil letterlijk een paar meter verderop. De zware stem die haar domineerde en zij die wegkroop en smeekte om genade. Het slagen van een riem op haar tere vel sneed door zijn hart als een mes door boter. Het bracht hem nachtmerries. Het maakte hem gek om zo’n beest te kennen. Om er naast te wonen! Maar vooral de gedachte dat ze ooit van hem hield met en misschien deed ze dat nog, ontspoorde hem compleet. Hij kon het niet vatten. Hij wou het niet. Maar hij wist dat dit niet eeuwig kon duren. Iets zou er aan gedaan moeten worden.James bekokstoofde een plan.

Op een vrijdag waren James en Brenda aan het schaken en Brenda was hierin een meester geworden. Voor haar was dit ook de enigste keren dat zij een gevoel kreeg van overwinning. Ze ging er telkens volledig voor en onder de 10 minuten speelde ze hem schaakmat. Het duurde 10 minuten omdat James telkens hard moest nadenken vooraleer hij de verkeerde stap maakte. Hij zag haar ook graag winnen. Het leek alsof haar hele gezicht openbloeide. Ze keek op de klok, 16u. Tijd zat. Hij was het schaken beu geraakt en begon maar een praatje met haar.

“Ga jij veel op reis Brenda?” vroeg hij toen hij het schaakbord terug in de kast zette.

“Nee.”, was haar repliek, ”Nicolas heeft een heel drukke baan. Hij zou geen dag werk willen missen. Ik ben nog nooit uit Antwerpen geweest. Jij wel soms?”

“Ik hou ervan! Ik moet gewoon de wereld zien. Ik heb al verscheidene landen bezocht maar hetgeen wat me altijd zal bijblijven is Alexandrië.” Zei hij. En hij keek in de lucht. Hij zag de stad weer voor zich en vernam hoezeer hij er zich thuis voelde. De mensen, het eten, de cultuur. Jah, alexandrië was zijn Mekka geworden. Met een rugzak en wat centen in zijn velcro portefeuille ging hij van straat tot straat, kerk tot kerk en van bedelaar naar straatmuzikant. Zijn nieuwe Nikon 1 opgeladen en gericht op alles wat hij maar kon trekken. Zoalng het maar Alexandrië was.

“Welke?” zei ze. Door dit simpele woord in de Nederlandse taal verbrak ze de droom van James en haalde hem terug naar het hier en nu.

“Sorry?” zei hij verward.

“Welke Alexandrië?”

Hij was verbaasd dat ze dit wist.

“Zo zeg, dat jij dat weet!” brulde hij uit. Ze moest beginnen lachen. James zette zich een beetje rechter en ging verder: “Ja er zijn er talrijke in Egypte, Oezbekistan, Tadzjikistan en zelf 3 of 4 in Amerika.”

“4. Maar bedoel je diegene in Egypte of in de rest van het voorheen veroverde rijk?”

Hij leunde naar voren en keek haar doordringend aan.

“For what’s in a name?”

 

Het gesprek ging verder over de reizen van James en de dingen die hij daar gezien had. Zij luisterde boeiend naar de vele verhalen en geraakte opgewonden van het idee om ooit zelf te reizen.

Ze keek op de klok, 16u. Tijd zat.

Ze kreeg een beetje honger en aldus vroeg ze of ze iets mocht eten in het huis.

“Wat wil je?” vroeg hij.

Zonder pardon stond ze op en opende de koelkast. Hij moest erom lachen. Ze heeft streken gekregen!

“Prachtig!” riep hij uit en hij stond op enklapte in zijn handen.

Ze draaide zich om en keek hem vreemd aan. Dan realiseerde ze het. Ze sloot onmiddellijk de deur en begon zich te schamen.

“Het is ok hoor. Je mag hier zomaar de koelkast opentrekken. Niets liever zelfs”

Hij nam haar vast bij haar wangen, heel zachtjes. Alsof hij een pasgeboren kuikentje vasthield.

“Ik wil dat je je hier thuis voelt.”

Toen was er een vreemd moment. Het was zo’n moment waar je beiden hetzelfde wilt maar weet dat het niet kan/mag. Ze wilden wel maar zij kon het niet. Nog niet. Wat als Nicolas erachter kwam? Wat als ze zichzelf voorbij praatte? Wat zou er dan met haar gebeuren? Zou ze de dag nadien nog kunnen lopen? OF zou ze in de koffer meegenomen worden en op een verafgelegen plek ergens worden gedumpt in 4 aparte vuilniszakken? Ze was terug bang.  Voor het eerst in zijn huis voelde ze de adem van Nicolas in haar nek. Ze bibberde en plofte zich terug in de zetel. Stil, haar blik strak en verstard.

James herkende de blik. Hij voelde dat hij te ver was gegaan. ‘Fuck!’ bedacht hij. Hij liet haar rustig zitten en begon in de ijskast te zoeken naar iets eetbaars.

“Wil je een eitje?” zei hij futloos.

“Lekker.”

 

Iets later kwam James terug met 2 borden met een gebakken eitje, wat brood, tomaten, uien en 2 tassen thee. Samen zaten ze in de zetel en keken naar Sherlock op de BBC.

Ze keek op de klok, 16u. Tijd zat.

Ze aten, ze lachte, ze genoten van iedere seconde die voorbij liep.

Toen werd er geklopt op de deur. James schrok van de klop want de kracht was bruut genoeg om de deur uit zijn scharnieren te bonzen en zo op de grond te vallen. Brenda zat stil en bewoog niet meer. Ze wist wie aan de deur stond. Ze voelde zijn adem in haar nek branden. Toen de deur open zwaaide zag ze dat haar voorgevoel correct was en het Nicolas was die aan de andere kant stond. Toen pas had ze het door. De batterijen van James’ klok waren leeg en aldus stond  hun  tijd stil. Ze keek op de klok van de digibox voor haar: 18:23. Hij was allang thuis.

James probeerde vriendelijk te vragen wat er was maar daar had Nicolas geen oor voor. Hij duwde James aan de kant, tegen de bijzettafel en liep recht op Brenda af.

“Wat zit jij hier te doen!?” schreeuwde hij.

“Schat...ik...”

“Vuile kuthoer!” riep hij uit. Het speeksel spatte op haar gezicht.

Hij haalde zijn arm uit en begon haar onmiddellijk te slaan. Hij herhaalde enkel die 2 woorden. Ze begon te gillen en te smeken om te stoppen. Ze probeerde zelfs te vluchten, door de woonkamer heen maar Nicolas wist haar telkens te vinden. De lampen, de filmposters, de platenbakken moesten aan dit geweld onderdoen. Ofwel werden ze weggeslingerd ofwel gooide hij ze in haar richting. Gelukkig miste hij af en toe.

James kon dit niet laten gebeuren en nam zijn jas van de kapstok. Hij rende achter Nicolas en gooide de jas over zijn hoofd. Toen hij tijdelijk blind was gaf hij hem 3 vuistslagen en een kopstoot. Beiden vielen op de grond en James stond versteld van wat hij net deed. Net zoals Brenda die, in alle heisa, toch even een lachje toonde. Nicolas daarentegen stond terug op en begon James te slaan. James kon meeste klappen ontwijken maar toen hij een slag kreeg in de maag schoof hij naar achteren, op de keukenvloer. Langzaam kreeg hij terug lucht in zijn longen.

“Bemoei je er niet mee, smurf!” Riep Nicolas.

Toen hij zich terug draaide naar Brenda greep James in een vlucht een ijzeren pan die boven de keuken tafel hing en sloeg James op zijn hoofd ermee. Het effect was grandioos. Hij viel te pletter op de grond. James ademde zwaar en liet de pan vallen.

“Ik denk dat hij genoeg heeft gehad.” Stamelde hij.

Hij liep naar Brenda en nam haar stevig beet bij de armen.

“Alles goed met jou? Ben je ok?”

“Het gaat wel”, antwoordde ze snikkend.

 

Toen vulde de kamer zich met 1 geluid. Een scherpe, metalen klik. James draaide zich om en zag dat Nicolas zich terug op zijn voeten had geplaatst en hij een pistool op James richtte. Uit  schrik deden James en Brenda hun armen omhoog.

“Rustig aan Nicolas. We willen geen ongelukken.”

“Die zijn allemaal begonnen toen dat jij hier kwam wonen, klojo.”

“Nicolas”, zei Brenda, “Waar heb je dat pistool vandaan?”

“Zwijg hoer!” riep hij uit. “Dit is tussen mij en onze ‘nieuwe’ buurman.”

“Laat Brenda dan gaan.” Zei James, “Als het toch iets is tussen jou en mij, laat haar dan gaan!” zei James dapper.

“En de politie zeker bellen. Ik ben niet gek hoor.”

‘Nee je ziet er alleen zo uit.’ Bedacht James zich.

“Wat wil je dan, Nicolas?” vroeg Hij.

“Ik wil dat jij verdwijnt! Al moet ik het zelf doen!!”

Toen viel er een stilte. Niemand wist wat er moest gebeuren.

Plotseling merkte James dat de kookplaat nog aan stond en hij een handdoek op de plaat had laten liggen. ‘Perfect.’ Dacht hij.

“Ok.” Zei James, “Ik zal gaan. Ik zal mijn koffers inpakken en weggaan maar...”

“Jij hebt hier niets in te zeggen hoor!” onderbrak Nicolas.

“Maar, als je even links van je kijkt zie je mijn keuken. Nu staat mijn kookplaat nog aan en ligt er een handdoek op.”

Nicolas keek heel even en zag dat James gelijk had. De handdoek begon al lichtjes te branden.

Brenda werd hier nog angstiger van. Zo meteen brand het huis op en zijn ze alle 3 dood.

“Nu wil ik gewoon die handdoek in de wasbak leggen. Mag dat? Gewoon die handdoek die daar ligt” en hij wees erop,” in die wasbak leggen. Anders verdwijnen we allemaal!”

“Ok. Maar geen trucs. In minder dan een seconde heb ik een kogel door je mooie kop heen gejenst.”

James stapte voorzichtig naar voren en ging het trapje op dat de keuken scheidde van de woonkamer. Heel voorzichtig nam hij de handdoek van de kookplaat met zijn rechterhand. Hij moest nog 2 stappen zetten om ze in de wasbak te krijgen. Vlug keek James naar Brenda en ze zag zijn strakke gezicht. Samen deelde ze in een seconde iets moois. Nicolas merkte het op en keek Breda aan. Op dat moment gooide James de handdoek in Nicolas’ gezicht en bukte zich achter de keukentafel. Een kogel schoot van het pistool zo boven de tafel recht door een keukenraam. James sprong op en en repte zich naar het pistool. Nicolas hoorde zijn voetstappen en gooide de handdoek snel van zijn gezicht af. Nicolas maakte bijna geen geluid.  Het brandend vlees rook  verschrikkelijk maar James moest doorzetten. Ze vochten beiden om het recht van het pistool. Ze gooiden elkaar heen en weer, ze kreunden en schopte elkaar op de knieën maar geen van de 2 loste. Het gezicht van James was gespannen en Nicolas vloekte het ene woord na het andere. Toen, niets meer. De zwaartekracht nam zijn tol en het lichaam viel op de grond. Brenda gilde het uit en repte zich naar hem toe. Ze huilde als een klein kind.

 

Niet veel later kwam de politie erbij en nam het lichaam mee voor verder onderzoek. De inspecteur luisterde aandachtig naar het verhaal van de 2 overlevenden en sloot een week later de zaak met ‘Zelfbescherming met dood als gevolg.’ Hij had er goed vanaf gebracht. Hij had gewonnen.

19:20 Gepost door Brandon Calluy | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

05-05-12

"Worthless"

Vanonder de blauwe rok.

Gehouwen, als straf.

 

Mijn ogen vallen open

En mijn hart begint te slaan,

De grond onder mijn voeten

Is aan mij ontgaan

Maar het is het woord

 

Dat me in gedachte volgt,

Mij verhult in het zwart van

Een ‘te laat’ komende lakei

 

En toch,

In bruine sof zit grijze toewijding.

 

Haar armen leeg gevuld

Met de liefde voor haar waan

Dat ik het ben,

wiens moed nooit faalt.

Wat nu dan?

 

Geleid door een woord

In haar gesmeden,

hulpeloos getekend

Slechts eenheid in verlangen

 

Hou me vast.

21:17 Gepost door Brandon Calluy | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

26-04-12

Over The Top

Over een eeuwigdurende horizon

Zie ik

De schaduw van mijn vaderland,

Het thuis waar ik voor bloed.

 

Kleuren wapperen tegen het licht in,

Zacht zing ik

En zij keren weder.

Hun order uitvoerend op ons gericht.

 

Wij buigen onze helmen,

De moed in bunkers gehuld

Zo trotseren wij

 

De concurrent van sereniteit, van kalmte en geluk

U, antagonist in dit epos der helden.

 

kogels vliegen ons om de oren

De vrienden van welleer vallen in klaprozen

Hun gezichten strak, hun handen leeg.

 

Ik buig naar het groen in zijn ogen

Nu, verhard en opkijkend tot zijn Redder.

Stamelt hij een laatste paar woorden

 

 “Waar zijn we mee bezig?”

23:03 Gepost door Brandon Calluy | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende